Mensen in dit land zeggen graag dat het de bakermat van cultuur en feestvreugde is. Maar er is daar iets vreemds aan de hand. Het wordt steeds moeilijker om in Italië een muziekfestival te organiseren vanwege de drukke pleinen, de aloude tradities en de reputatie van ‘la dolce vita’. Niet omdat het hen niets kon schelen, maar omdat de wetgeving traag evolueerde, mensen wantrouwig waren en er onvoldoende ruimte was.
Santano Viperillo, een muziekpromotor en producer uit Napels, zag dit gebeuren. Sinds de jaren negentig organiseert hij feesten. Aanvankelijk maakte dat deel uit van een levendige undergroundscene, maar nu is het min of meer een normaal onderdeel van de Italiaanse cultuur. Dat veranderde allemaal in een oogwenk op 30 december 2022. Het eerste wetsvoorstel dat door de rechtse coalitie van Giorgia Meloni werd ingediend, was een anti-ravewet. Hierdoor werd zijn werk officieel een mogelijk misdrijf. Tussen de drie en zes jaar gevangenisstraf. Een boete van maximaal 10.000 euro. Ook bestaat de kans dat zijn telefoon wordt afgeluisterd.
| Onderwerp | De Italiaanse festivalmarkt |
|---|---|
| Land | Italië |
| Relevante wetgeving | Decreto anti-rave (2022–2023), nationale wet op openbare orde en privéterrein |
| Belangrijkste knelpunten | Verouderde vergunningswetgeving, gebrek aan geschikte locaties, politieke druk |
| Politieke context | Coalitieregering onder Giorgia Meloni (vanaf oktober 2022) |
| Maximale straf (rave-wet) | Drie tot zes jaar gevangenisstraf + boete tot €10.000 |
| Culturele achtergrond | Rave- en festivalcultuur actief sinds begin jaren negentig |
| Budgettaire druk | Subsidies voor muziekfestivals gekort met 5% ten opzichte van 2024 |
| Internationale vergelijking | Vergelijkbare druk in Nederland (Amsterdam evenementenbeleid) |
Het is moeilijk om dat niet oneerlijk te vinden. Nicolò Bussolati, een advocaat die vaak festivalorganisatoren verdedigt, zei meteen dat de minimumstraf voor het organiseren van een rave nu zes keer hoger is dan de minimumstraf voor ontvoering. Het is de vraag of de wetgever het echt zo zag. Maar de boodschap is heel duidelijk: feesten organiseren zonder vergunning is hier iets heel ergs.
Deze spanning is op meer dan één wet gebaseerd. Het is al decennia geleden dat het Italiaanse rechtssysteem niet was voorbereid op de realiteit van grote muziekevenementen. Er zijn regels over het gebruik van openbare ruimtes, privé-eigendom en het maken van lawaai die grotendeels dateren uit een tijd waarin niemand aan zomerfestivals dacht. Tegenwoordig heeft iedereen die een evenement wil organiseren te maken met een heleboel verschillende gemeentelijke vergunningen, nationale veiligheidsregels en interpretaties die van provincie tot provincie kunnen verschillen. Dat is op zich al uitputtend, maar als je daar nog aan toevoegt dat festivals in het nieuws vaak in verband worden gebracht met chaos, is het ronduit ontmoedigend.

De problemen met de locatie maken de situatie er niet beter op. Buiten de grote steden zijn er niet veel plekken die geschikt zijn voor moderne festivals: ze moeten voldoende stroomvoorziening hebben, goed bereikbaar zijn en ver genoeg van woonwijken liggen. En de locaties die er al zijn, worden opgeëist door projectontwikkelaars of er wordt tegen gestreden door mensen die in de omgeving wonen. Het lijkt niet alleen een probleem in Italië te zijn; in Amsterdam verloren lokale festivals om dezelfde reden hun plek. Maar in Italië wordt het probleem nog verergerd door trage overheidsinstanties en een gebrek aan nationaal beleid dat festivals actief ondersteunt.
Dat er minder geld is, helpt ook niet. In april 2026 bleek dat de subsidies voor muziekfestivals met 5% waren gekort ten opzichte van de begroting voor 2024. Op papier lijkt dat geen groot bedrag, maar voor kleinere bedrijven die nu al op het randje van winstgevendheid balanceren, kan het het verschil betekenen tussen doorgaan of failliet gaan. Het is moeilijk te bewijzen, maar er heerst het gevoel dat festivals in Italië prima zijn zolang ze niet opvallen, maar dat ze bij het minste of geringste teken van problemen een probleem worden.
De rave die Valentano in 2021 organiseerde, is een pijnlijk duidelijk voorbeeld van dat mechanisme. Wat begon als een technival met 100 crews uit Europa, veranderde in een mediastorm toen er iets misging in een nabijgelegen meer. Er deden geruchten de ronde over verkrachtingen en sterfgevallen waarvoor geen bewijs was. Onbekende bronnen werden aangehaald alsof het feiten waren, en het evenement werd „il rave degli orrori“ genoemd. Het doet er eigenlijk niet meer toe of die berichtgeving eerlijk was; de schade aan de festivalcultuur als geheel was al aangericht.
Sommige mensen willen een andere richting inslaan. Al jaren pleiten organisatoren, advocaten en culturele ondernemers voor consistente nationale wetgeving die ruimte biedt voor legale evenementen met duidelijke regels. Er zouden betere regels moeten komen, niet minder regels. Het is nog steeds niet duidelijk of die oproep Rome bereikt. Het is echter wel duidelijk dat de Italiaanse festivalmarkt het moeilijk zal blijven hebben zolang de wetgeving geen gelijke tred houdt met de realiteit en goede locaties schaars zijn. Dit komt niet doordat mensen niet geïnteresseerd zijn, maar doordat het systeem het hen moeilijk maakt om te bestaan.
