Op een regenachtige zondagmiddag in december stonden er veel mensen op de Mont des Arts in Brussel. Niet voor een concert of voorstelling, dat wel. Ze waren daar omdat de bioscopen gesloten waren. Het feit dat het plein, dat doorgaans een plek voor cultuur is, juist die dag werd omgevormd tot een plek voor openlijk politiek protest, spreekt boekdelen.
Het Raadgevend Comité besloot dat bioscopen, concertzalen en theaters kort voor Kerstmis moesten sluiten. Geen uitzonderingen, en er is geen tijd om zich aan te passen. Dit was een ander soort klap voor een sector die al twee jaar lang overal afwisselend moest sluiten en weer openen. Niet alleen in financieel opzicht, maar ook symbolisch. En sommige bedrijven in de sector kozen er gewoon voor om zich hier niet aan te houden.
| Onderwerp | De culturele boycot in Brussel, december 2021 |
|---|---|
| Locatie | Brussel en Wallonië, België |
| Aanleiding | Verplichte sluiting cultuursector na beslissing Overlegcomité |
| Betrokken partijen | Cinema’s, theaters, concertzalen, politici, politiediensten |
| Sleutelfiguren | Eric Franssen (Cinema Palace), Michael De Cock (KVS), Peter De Caluwe (De Munt), Georges-Louis Bouchez (MR), Annelies Verlinden (CD&V) |
| Datum protest | 26 december 2021 |
| Deelnemers manifestatie | 5.000 (politie) tot 12.000 (organisatie) |
| Kernvraag | Kan en mag de cultuursector politiek neutraal blijven? |
Eric Franssen, de eigenaar van het Cinema Palace in Brussel, zei het bot maar duidelijk: hij wist dat het tegen de wet was, maar hield zijn zaal toch open. Er was iets vreemds aan het feit dat de wet opzettelijk werd overtreden, dat dit openlijk gebeurde en dat de aankondiging in een overwegend rustige toon werd gedaan. Het was geen teken van zwakte. Die keuze leek meer een morele keuze, gemaakt met de ogen wijd open.
Alleen al in Brussel hielden veertig culturele centra hun deuren open. Ook in Wallonië deden meerdere bioscopen hetzelfde. De lokale politie verklaarde dat handhaving die dag niet hun voornaamste doel was. De minister van Binnenlandse Zaken, Annelies Verlinden, liet de taak over aan de lokale overheid. Aan de top heerste een vreemd stil vacuüm, maar aan de basis ging alles gewoon door.

De voorzitter van de MR, Georges-Louis Bouchez, reageerde fel. Zijn kritiek richtte zich niet zozeer op de culturele sector zelf, maar op de politici en rechtbanken die volgens hem mensen aanmoedigden de wet te overtreden zonder dat ze dat openlijk zeiden. Hij had wel een goed punt: als de regels in theaters niet worden nageleefd, waarom zouden ze dan wel moeten gelden in bowlinghallen of casino’s? Die dag had niemand een goed antwoord op die vraag. Misschien komt dat omdat er geen goed antwoord is.
Op de Mont des Arts waren verschillende stemmen tegelijk te horen. Michael De Cock, artistiek directeur van het KVS, noemde de opkomst „hartverwarmend“ en zei dat ze uitkeken naar een snel politiek signaal. Een man van La Monnaie, Peter De Caluwe, nam het woord. Ter afsluiting van de dag voerde choreografe Anne Teresa De Keersmaeker buiten in de regen een dansbeweging uit. De beelden waren uniek; ze toonden kunst als taal op een dag waarop kunst officieel verboden was.
Het lijkt erop dat de sector dit niet hardop wil zeggen, maar dit alles toont aan dat politieke neutraliteit in tijden van crisis een mythe is. Het was een politieke keuze van de culturele sector om open te blijven, te protesteren en de zaak voor te leggen aan de Raad van State. Dat hoeft niet verkeerd te zijn. Het is echter niet de neutrale ruimte waarvoor instellingen zichzelf doorgaans beschouwen – dat wil zeggen, het is niet de plek waar het debat plaatsvindt.
Mensen herinneren zich die regenachtige middag op de Kunstberg niet voor niets beter dan de meeste persconferenties van die winter. Een persbericht zorgde er niet voor dat mensen kwamen omdat ze daar om gevraagd werden. Ze kwamen omdat iets hen een slecht gevoel gaf. Dat is, meer dan welke beleidsdiscussie dan ook, misschien wel de eerlijkste manier om uit te leggen wat cultuur doet en waarom het zo moeilijk is om cultuur buiten de politiek te houden.
