Het Nederlands Theaterfestival heeft een nieuwe sfeer die je meteen voelt zodra je er rondloopt. Uit de foyer klinken andere geluiden. Beter. Het zijn niet alleen mensen die iets drinken en praten over wat ze net hebben gezien; er wordt over gepraat. Er hangt een lichte spanning in de lucht, zoals wanneer iemand iets zegt dat je niet zomaar kunt vergeten.
Daar valt niets aan te doen. Tobias Kokkelmans heeft het festival sinds zijn aantreden veel politieker gemaakt. Niet op een manier die je stoort, maar op een manier die je aan het denken zet. Dit jaar stonden de zogenaamde PRO Days – onderdelen van het programma gericht op professionals uit het vakgebied – volledig in het teken van activisme, de verbinding tussen theater en AI, en het samenzijn als theatermaker. Dit zijn niet het soort onderwerpen die zorgen voor gemakkelijke, soepele afsluitingen.
| Informatie | Details |
|---|---|
| Evenement | Nederlands Theater Festival 2025 |
| Locatie | Amsterdam (o.a. Internationaal Theater Amsterdam) |
| Directeur | Tobias Kokkelmans |
| Periode | September 2025 |
| Focus dit jaar | Theater & AI, activisme, solidariteit, kwetsbare positie van theaterkritiek |
| Opening | Staat van het Theater door Anne Breure & Sadettin Kirmiziyüz |
| Prijsuitreiking | Prosceniumprijs voor Simon van den Berg |
| Verbonden platform | Theaterkrant, Internationaal Theater Amsterdam |
De opening van het festival, gepresenteerd door Anne Breure en Sadettin Kirmiziyüz, zette meteen de toon. Hun ‘State of the Theater’-toespraak was geen triomfantelijke start, maar een diagnose. Een eerlijke, en soms hobbelige, blik op de sector als geheel. Wanneer theatermakers zichzelf, hun plaats in de wereld en hun bestaansrecht in vraag stellen, tonen ze moed. Zo voelde het publiek het ook.
Wat het festival van dit jaar zo bijzonder maakt, is dat het expliciet een kans biedt aan stemmen die voorheen niet werden gehoord. ‘Nieuwe stemmen’, zo noemden de critici van de Theaterkrant ze tijdens hun rondetafelgesprek. Die bewoording is gebaseerd op meer dan alleen een verlangen naar diversiteit. Het gaat om veranderingen in wie er mag spreken, waarover ze mogen spreken en welke taal ze mogen gebruiken, zowel letterlijk als figuurlijk. Op dit moment is het nog moeilijk te zeggen of dat daadwerkelijk deel uitmaakt van de programmering of slechts een gebaar is.

Die gevoelens komen tot uiting in de voorstellingen. Enkele titels die laten zien dat de makers van kunst moeilijke onderwerpen niet uit de weg gaan, zijn ‘The Horse of Jenin’ van Alaa Shehada, ‘My Body as a Commodity’ van Anne-Laure Vandeputte en ‘F*ck Lolita’ van Het Zuidelijk Toneel. Ze gaan ernaar op zoek. Ze rapen de steen van de grond en kijken erin. Soms met precisie, soms met brute kracht, maar bijna nooit met het doel de toeschouwer gerust te stellen.
Dit past in een bredere trend. In 2023 organiseerde het Wereldmuseum Amsterdam een reeks met de titel ‘Ongemakkelijke Gesprekken’. In deze voorstellingen moedigden theatermaakster Sheralynn Adriaansz en Building Conversation mensen aan om het debat aan te gaan in plaats van ervoor weg te lopen. Mensen proberen onderwerpen als ‘cancelcultuur’, gemengde relaties, adoptie en de waarde van ‘sorry’ zeggen in het dagelijks leven te vermijden. Het theater biedt ons toch een manier om ermee om te gaan, terwijl het ons tegelijkertijd beschermt met fictie die echt genoeg aanvoelt om ontroerend te zijn.
Er zijn zowel mooie als verontrustende kanten aan de manier waarop het festival dit jaar werkt. Het is bedoeld als zowel een ontmoetingsplaats als een spiegel. Het wil verbinding maken, maar is niet bang om dingen uit te praten. Die balans is niet altijd even sterk. Het lukt niet altijd ’s avonds. Soms verlaat je het theater met meer vragen dan antwoorden, wat zowel bevredigend als ideaal is.
Misschien is dat precies waar theater voor dient. Niet om te kalmeren, maar om wakker te schudden. Dat lijkt dit jaar belangrijker dan ooit voor het Nederlands Theaterfestival.
