De Amsterdamse Nachtburgemeester Freek Wallagh heeft vergaderingen die de meeste Nederlanders op een doordeweekse middag nooit zullen meemaken. Deze vergaderingen vinden plaats in een vergaderzaal die waarschijnlijk te licht is voor iemand wiens werk pas echt na middernacht begint. Er wordt gesproken over geluidscontouren, bouwprojecten en bestemmingsplannen. Over de vraag of een club nog een paar jaar open mag blijven op een plek waar over drie jaar woningen worden gebouwd.
Wallagh schrijft gedichten, studeert politicologie en zet zich in voor maatschappelijke verandering. Hij werd in maart 2023 tot Nachtburgemeester gekozen. De functie werd in 2003 voor het eerst in het leven geroepen in Paradiso door een groep GroenLinks-activisten die vreesden dat Amsterdam zijn eigen nachtleven aan het verliezen was. Die zorg is na twintig jaar nog niet verdwenen. Integendeel zelfs.
| Informatie | Details |
|---|---|
| Functie | Nachtburgemeester van Amsterdam |
| Huidige nachtburgemeester | Freek Wallagh (sinds 22 maart 2023) |
| Organisatie | Stichting N8BM A’DAM (Stichting Nachtburgemeester Amsterdam) |
| Opgericht | 2002 (idee GroenLinks); 2003 (eerste verkiezing); 2014 (stichting formeel opgericht) |
| Eerste nachtburgemeester | De Nachtwacht (collectief, 2003–2006) |
| Doel | Behoud en ontwikkeling van de Amsterdamse nacht- en clubcultuur |
| Politieke positie | Onafhankelijk, adviseur van stadsbestuur |
| Netwerk | Dutch Nighttime Alliance (twaalf steden) |
| Bekende voorgangers | Mirik Milan (2012–2018), Shamiro van der Geld (2018–2020), Ramon de Lima (2020–2023) |
| Internationale invloed | Inspireerde nachtburgemeesters in Parijs, Londen, New York, Zürich |
De afgelopen jaren is de druk op de Amsterdamse clubscene aanzienlijk toegenomen. De woningbouw is de grootste concurrent. Toen clubs tijdelijke ruimtes kregen op braakliggende terreinen die toch al bebouwd zouden worden, werden ze stuk voor stuk afgebroken zodra de graafmachines arriveerden. De school werd gesloten. Er werden geen nieuwe locaties gevonden. Dit gebeurt keer op keer, niet alleen in Amsterdam maar in heel Nederland.

De Nederlandse Nachtalliantie is een groep van tien nachtburgemeesters uit twaalf grote steden die samenwerken om het nachtleven te bevorderen. Het is duidelijk wat ze zeggen: dit is geen lokaal probleem, het is een nationaal probleem. Onlangs zei Merlijn Poolman, de nachtburgemeester van Groningen, het ronduit: steden zien de nachtcultuur als iets extra’s. Als bijproduct is dat prima, zolang het maar niet in de weg staat, niet als volwaardige cultuur.
Die constatering doet op de een of andere manier pijn. De reputatie van Amsterdam als bruisende uitgaansbestemming is vooral te danken aan de clubs en festivals die nu onder vuur liggen. Het is alweer een tijdje geleden dat Trouw, de beroemde club die als eerste gebruikmaakte van een 24-uursvergunning, zijn deuren sloot. Nachtburgemeester Mirik Milan heeft jarenlang aangedrongen op deze vergunning. De vergunning is nog steeds geldig. Er is echter steeds minder ruimte.
Wat de nachtburgemeester wil, is vrij eenvoudig: een plaats aan tafel waar over de toekomst van de stad wordt beslist. Dat klinkt misschien bescheiden, maar dat is helemaal niet zo. Veel beleidsmakers zien beslissingen over bouwplannen, bestemmingswijzigingen en geluidsnormen niet als culturele beslissingen. Ze hebben te maken met details. Daarom zijn de clubeigenaren, organisatoren en bezoekers, die er het meest bij te winnen hebben, vaak de laatsten aan wie om hun mening wordt gevraagd.
Na een lange rij mensen die hetzelfde hebben geprobeerd, is Freek Wallagh de volgende in de rij. Mirik Milan gaf de functie internationale bekendheid en moedigde andere steden, zoals Parijs, Londen en New York, aan om hun eigen nachtburgemeesters te benoemen. Onder leiding van Ramon de Lima kwam de uitgaansscene de coronacrisis door, een tijd waarin alles in één klap tot stilstand kwam. Ze probeerden allemaal op hun eigen manier uit te leggen hoe de nacht werkelijk is: het is geen probleem dat opgelost moet worden, maar een ruimte die beschermd moet worden.
Naast dansen is er nog een andere reden waarom mensen naar clubs gaan. Kelly Vincent, die hielp bij de oprichting van de inmiddels ter ziele gegane creatieve hub Weelde in Rotterdam, verwoordde het als volgt: „’s Nachts kun je je vrij voelen en tot rust komen.“ Dat klinkt misschien wat vaag, maar als je er goed over nadenkt, begrijp je wat ze bedoelt. In steden zijn er niet veel plekken meer waar je jezelf kunt zijn en niemand iets van je vraagt. Daar speelde het nachtleven zich af. Voor velen wordt die plek steeds kleiner.
