De zaal is net leeggelopen. Het doek is gevallen, maar het applaus klinkt nog steeds luid. Achterin de foyer staat een recensent met een glas water en een notitieboekje dat nog half vol is. Hoewel het een eenvoudig tafereel lijkt, zegt het iets over wat er zich rondom het ITs Festival in Amsterdam afspeelt. Er hangt een ongemakkelijk gevoel in de lucht dat moeilijk te beschrijven is, maar dat je wel voelt als je er een paar avonden rondloopt.
Het ITs Festival, wat staat voor het International Theatre School Festival, is al jarenlang dé plek waar theatermakers uit de hele wereld hun werk aan belangrijke mensen laten zien. In het publiek zitten docenten, artistiek leiders, programmeurs en festivalcuratoren. Er zijn ook journalisten en theatercritici, hoewel hun aanwezigheid de laatste jaren minder duidelijk is. De sfeer op het festival houdt het midden tussen een laboratorium en een voorstelling, en dat is precies waar het probleem ligt.
| Onderwerp | ITs Festival – Internationaal Theaterschool Festival |
|---|---|
| Locatie | Amsterdam, Nederland |
| Type evenement | Internationaal theaterfestival voor afstuderende theatermakers |
| Oprichting | Eind jaren tachtig |
| Deelnemers | Eindejaarsstudenten van theateropleidingen wereldwijd |
| Frequentie | Jaarlijks |
| Belang | Belangrijkste podium voor aankomend theatermakerstalent in Europa |
| Gerelateerde thema’s | Theaterkritiek, persvrijheid, artistieke druk, festivaljournalistiek |
Als studenten voor het eerst op een groot internationaal podium over hun werk schrijven, hoe kun je dan eerlijk zijn? Die vraag lijkt simpel, maar dat is ze helemaal niet. Voor dit soort festivalrecensies geldt tegenwoordig een soort ongeschreven regel die mensen ervan weerhoudt te hard te zijn. Critici die al jaren over bekende gezelschappen schrijven en daarbij alle vrijheid hadden, zeggen dat ze de toon aanpassen wanneer ze over laatstejaarsstudenten schrijven. Niet altijd met opzet. Maar het gebeurt wel.
Op zich is dat logisch. Als je weet dat iemand net afgestudeerd is en zijn of haar meest kwetsbare werk laat zien, is het menselijk om je scherpe pen in toom te houden. Maar het is ook verontrustend, want recensenten zijn er niet om te beschermen. Ze zijn er om uit te leggen, te beschrijven en soms te corrigeren. Als dat doel wordt beperkt, zelfs uit vriendelijkheid, dan is kritiek niet langer nuttig. Voor iedereen, maar ook voor de makers zelf.

Dit probleem reikt wellicht verder dan het festival zelf. Al jaren publiceert De Theaterkrant artikelen over de toestand van de Nederlandse theaterkritiek. Eén thema loopt als een rode draad door al die artikelen: het speelveld is kleiner geworden, er is minder ruimte voor negatieve beoordelingen, en de pers en gezelschappen staan dichter bij elkaar dan ooit als ideaal werd beschouwd. Deze tendensen zijn sterker op een festival als ITs, waar iedereen elkaar kent en de sfeer aanvoelt als een gezellig samenzijn.
Het is ook belangrijk dat het een wereldwijd vraagstuk is. Er zijn hier kinderen van scholen uit Georgië, Polen, Korea en Brazilië. Hun werk is gevormd door situaties die een Nederlandse recensent misschien niet volledig kan doorgronden. Mensen moeten voorzichtig zijn, want het beoordelen van iets dat niet volledig in een cultuur past, vereist nederigheid. Nederig zijn kan daarentegen soms leiden tot beleefde vaagheid die niemand helpt.
Sommige recensenten weten dit te omzeilen. Zij schrijven gewoon wat ze zagen, wat werkte en wat niet, zonder de leeftijd of opleiding van de makers als excuus te gebruiken voor een negatieve recensie. Niet omdat ze gemeen zijn, maar omdat ze oprecht zijn, vallen die stukken op. Veel van de mensen die erover praten, zelfs de jongeren, zeggen dat liever dan dat ze een recensie krijgen waar ze zich goed bij voelen.
Mensen die naar het ITs Festival gaan, zouden er echt om moeten geven. Het serieus nemen betekent ook er eerlijk over zijn. Na de voorstelling is de buiging voor de mensen die het mogelijk hebben gemaakt. Iedereen kan achteraf in de krant lezen wat er verschijnt.
