De Kleine Komedie in het Amsteltheater is niet erg groot. En dat is precies de bedoeling. Het theater heeft zo’n 400 zitplaatsen, een podium dicht bij het publiek en een akoestiek die eventuele tekortkomingen in een cabaretvoorstelling direct aan het licht brengt. Het is de perfecte locatie voor de finale van het Amsterdam Kleinkunst Festival, omdat er geen grote producties zijn om zich achter te verschuilen en geen gebreken in de geluidsinstallatie om te verbergen. Wie er ook op het podium staat, is er echt.
Sinds de oprichting in 1988 heeft het AKF een unieke rol in de Nederlandse cabaretwereld ontwikkeld, die moeilijk te evenaren is door andere festivals. Het is een toernooi voor mensen die nog geen doorbraak hebben bereikt, in plaats van een podium voor bekende sterren. De halve finales worden voorafgegaan door maandenlange audities door het hele land. Deze audities omvatten masterclasses van gekwalificeerde regisseurs. De artiesten die de finale halen, zijn doorgaans veel volwassener dan aan het begin, dankzij hun eigen ervaring en de gerichte begeleiding die het festival biedt.
De prijzen zijn tastbaar genoeg om betekenisvol te zijn. De belangrijkste prijs voor aanstormend cabaret talent is de AKF Sonneveldprijs. De AKF Publieksprijs wordt bepaald door het publiek dat aanwezig is bij de finale. De Shaffy Cheque is een geldbedrag, geen trofee, en is bedoeld om de carrière van de winnaar te ondersteunen. Voor een cabaretartiest die net aan zijn of haar carrière begint, is geld tastbaar en nuttig.
De Finalistentournee, die na het festival plaatsvindt, biedt de finalisten de mogelijkheid om door het land te touren met het programma waarmee ze aan de wedstrijd hebben deelgenomen, een programma dat is verfijnd door de selectie tijdens het festival en de masterclasses. Dit is een kans voor publiek buiten Amsterdam om artiesten te zien die al zijn geselecteerd, maar nog niet zo bekend zijn.
Er staan verschillende namen op de AKF-alumnilijst die inmiddels bekende namen zijn in de Nederlandse cabaretwereld. Al deze personen – Claudia de Breij, Van der Laan & Woe, Yentl en de Boer, Maarten van Roozendaal en Valentina Tóth – hebben op een bepaald moment in hun vroege carrière in de finale of auditie gestaan. Na meer dan 40 jaar festival is de lijst zo lang geworden dat het AKF een ongeëvenaarde historische legitimiteit geniet.

Naast de wedstrijd omvat het programma van het festival ook eerbetoon aan cabaretlegendes. Tributeshows ter ere van Bram Vermeulen, Ramses Shaffy of Herman van Veen verbinden de huidige wedstrijd met zijn wortels. Dit dient een doel en is geen sentimentele versiering: de Nederlandse cabaretscene kent een rijke geschiedenis van Nederlandstalige theaterliederen en cabaret, en het AKF plaatst nieuw talent duidelijk binnen die traditie in plaats van als iets losstaands.
