Aan de Nes, een van de oudste straten van Amsterdam, staat een gebouw dat in de loop der jaren vele malen van gedaante is veranderd. Ooit was het een klooster en het heeft gediend als herberg, veilinghuis en feestzaal. En al meer dan veertig jaar is het de Brakke Grond, de naam van het Vlaamse theater- en kunstcentrum. In deze tijd van het jaar voelt het anders aan. Het is niet echt anders – het pand heeft altijd al iets onrustigs gehad – maar het is nu concreter. Je bent je er meer van bewust.
Dit jaar is de verandering bij de Brakke Grond niet zomaar een PR-stunt. Deze keuze is al te zien in de openingsavond van het nieuwe seizoen, die ‘Banket’ heet. Badke(remix), een dansvoorstelling van de Gentse creatieve ruimte laGeste en de Palestijnse dansgroep Stereo48, is de eerste voorstelling. Tien dansers combineren de traditionele Palestijnse bruiloftsdans dabke met acrobatiek, hiphop en capoeira. Het is geen toeval dat de Palestijnse choreografen Amir Sabra en Ata Khatab nu de leiding hebben over de oorspronkelijke productie, die aanvankelijk door Europeanen was gepland. Daar draait het seizoen om.
Lisa Wiegel, de artistiek directeur, zegt het ronduit: de productie helpt om verder te kijken dan het slachtofferverhaal. Het zit vol leven. Sterk zijn. Robin Laurens, die de voorstellingen maakt, ziet hetzelfde: een productie die draait om plezier hebben in het leven, zelfs (of misschien juist) als de omstandigheden dat moeilijk maken. Het is lastig om de juiste balans te vinden, maar De Brakke Grond lijkt er dit jaar harder zijn best voor te doen dan vorig jaar.
Ook de manier waarop het leiderschap functioneert, is nieuw. Het gezelschap beleeft zijn eerste seizoen op eigen kracht onder leiding van Eva Vereecke, die in de zomer van 2024 het directeurschap overnam.

Bart Govaert, haar voorganger, stond zeven jaar aan het roer van de instelling. Wanneer er na zo’n lange tijd een wisseling van de wacht plaatsvindt, heerst er altijd een beetje onzekerheid over welke keuzes blijven en welke worden losgelaten. Het programma voor 2025–2026 valt op omdat het meer doet dan het belooft. Er zijn drie themalijnen die het publiek helpen hun weg te vinden: Blik op nu, Met een hoek af en In focus. Het laatste thema van dit jaar, „In Focus“, is „Future Families“, wat verwijst naar de toekomst van ouderschap, zorg en familierelaties. Hoewel het vaag klinkt, is dit niet zomaar een voorbijgaande trend voor mensen die de culturele debatten van de afgelopen jaren hebben gevolgd. De Brakke Grond benadert dit op een gestructureerde manier, niet als een losstaande avond maar als een thema dat door het hele seizoen loopt. Het is ook een eerlijke keuze, aangezien de instelling vorig jaar te maken had met een tekort aan personeel, een verzakkende vloer en een verborgen kelder die vol water stond. Het weet hoe het is als zorg plotseling moeilijk te vinden is en tegelijkertijd heel belangrijk.
Het is in deze zalen geen nieuw begrip om over interdisciplinariteit te spreken, maar het seizoen geeft er concretere invulling aan. Live muziek van Andrew Van Ostade is niet zomaar een achtergrond in „My Body as a Commodity“ van Anne-Laure Vandeputte, een concert/monoloog. De muziek vormt het belangrijkste onderdeel van het verhaal. Hetzelfde geldt voor ‘shoe/farm’ van de Vlaams-Nederlandse groep Buren. De decors en scenografie weerspiegelen nog steeds de visuele achtergrond van de makers. De nieuwe voorstelling van Femke en Lander Gyselinck, een danseres en een drummer, brengt zeven dansers en vier muzikanten tegelijk op het podium.
Er is nog iets dat dit seizoen uniek maakt, en dat is misschien wel het meest ondergewaardeerde aspect. De Brakke Grond investeert duidelijk in het opbouwen van langdurige samenwerkingsverbanden met makers. Het komt pas in het voorjaar uit, maar aan ‘The Truthful’ van Lieselot Siddiki werd al gewerkt tijdens het Brainwash Festival. Meestal wordt het cultuurcentrum niet gebruikt als pronkstuk, maar als een plek om te beginnen. Vlaamse kunstenaars die in Nederland nog geen naam of publiek hebben, krijgen hier de kans om dat langzaam en in dialoog op te bouwen.
In het verleden was De Brakke Grond een plek die opnieuw moest beginnen. Dat gaat het dit jaar weer doen. Op een rustige manier, maar met overtuiging.
