Als een jongere op het podium hardop zegt wat de meeste mensen niet uitspreken, werkt dat verontrustend in een donkere theaterzaal. Niemand om mee te praten, geen campagne en geen folder met een groen lintje. Een zeventienjarig meisje dat tegelijkertijd acteert en spreekt. Je hoort het publiek stilvallen. En dat moment van stilte zou wel eens het begin van een boodschap kunnen zijn.
In Nederland is er een groeiende groep jonge kunstenaars die theater gebruikt om de taboes rond geestelijke gezondheid te doorbreken. Het gaat hier niet om professionele gezelschappen of producties die geld krijgen om ze te maken. Tieners en twintigers betreden het podium omdat ze weten dat woorden buiten het podium hen niet altijd bereiken. Dat laten Eva en Floor uit Alphen aan den Rijn zien. Als onderdeel van Pitchparade, een programma waarin jongeren culturele ideeën kunnen pitchen in ruil voor geld, wonnen zij en kozen ze ervoor om het geld te gebruiken voor het opvoeren van een toneelstuk over dingen die jongeren niet durven te zeggen.
| Keys | Values |
|---|---|
| Onderwerp | Jonge theaterstudenten en mentale gezondheid |
| Sleutelspelers | Eva, Floor (makers van De Dingen Die Wij Niet Zeggen), Stichting Me & Society, Erasmus SYNC Lab |
| Betrokken instellingen | Erasmus Universiteit Rotterdam, Erasmus MC, TU Delft, Albeda (mbo) |
| Voorstellingen | Never Mind, De Dingen Die Wij Niet Zeggen, Just Talk, GRIP |
| Doelgroep | Jongeren van 14–19 jaar, mbo-studenten |
| Thema’s | Eenzaamheid, pesten, gescheiden ouders, sociale druk, mentale gezondheid |
| Financiering | VSBfonds, convergentieprogramma Healthy Start |
| Locaties | Rotterdam, Alphen aan den Rijn en andere steden in Nederland |
De titel van hun stuk, „The Things We Don’t Say“, is op zich al een constatering. Het gaat over eenzaamheid, gepest worden, het perfecte imago op sociale media en gescheiden ouders. Niet als vage ideeën, maar als dingen die elke dag op de middelbare school gebeuren, met alles wat daarbij hoort. Er werd hen iets eenvoudigs maar diepzinnigs verteld: „Vertel je eigen verhaal.” Dat doet meer pijn. Eva heeft uiteindelijk de toneelschool afgerond. Floor koos ervoor om in de maatschappelijke dienstverlening te gaan werken. Ze willen allebei mensen helpen, maar ze willen dat op verschillende manieren doen.
Wat deze generatie makers onderscheidt, is dat ze ervoor kiezen de therapeutische laag over te slaan. Ze willen niet zeggen wat er mis is. Ze moeten het laten zien. Er is een groot verschil tussen een jongere vertellen dat zijn of haar gevoelens normaal zijn, en hem of haar laten zien hoe een personage op het podium met die gevoelens omgaat. Het eerste klinkt als een reclameslogan. Het tweede doet me denken aan herkenning. Het brengt je ook op plekken waar informatie niet kan komen.

Dit werd ook opgemerkt door onderzoekers van het Erasmus SYNC Lab, die samenwerkten met de Me & Society Foundation aan het toneelstuk Never Mind. In het verleden had de stichting voorstellingen opgevoerd over onderwerpen als racisme en gearrangeerde huwelijken. Maar het was nieuw om met wetenschappers samen te werken. Een van de onderzoekers, Kayla Green, zei dat het hun taak was om hun kennis te delen met de mensen die de toneelstukken opvoerden, en vervolgens uit te zoeken of het gebruik van theater als instrument daadwerkelijk effect heeft op jongeren. Die tweede vraag is logisch, maar laat ook iets zien: enthousiast zijn over een methode is niet hetzelfde als bewijs hebben dat die methode werkt.
Al dit gepraat over geestelijke gezondheid kan ook tot een misvatting leiden, en het is goed dat onderzoekers daarop wijzen. Als een jongere verdrietig is, heeft hij of zij niet altijd professionele hulp nodig. Hoe goedbedoeld ook, voorstellingen kunnen dingen die gewoon bij het opgroeien horen, doen lijken alsof ze verkeerd zijn. Verdrietig zijn is niet hetzelfde als een slechte dag hebben. Verdrietig zijn is niet altijd een teken van een stoornis. Green verwoordde het als volgt: we moeten onderzoeken welke methoden een positief verschil maken, zonder te overschatten wat theater kan of zou moeten doen.
Maar het is ook moeilijk te beargumenteren dat dit soort gesprekken niet nodig zijn. Jongeren konden tijdens de theatervoorstelling Just Talk op een veilige plek over hun gevoelens praten. Dertien tieners en jongvolwassenen (in de leeftijd van 14 tot 19 jaar) zetten een forumtheatervoorstelling op, genaamd GRIP, over hun eigen psychische problemen. Daar zijn geen beleidsinitiatieven bij betrokken. Zulke mensen besluiten zelf iets te doen aan hoe ze zich voelen.
Tijdens een lezing zei Floor iets dat je bijblijft. Ze vindt het geweldig als social-mediasterren die een fantastisch leven lijken te leiden, ook over geestelijke gezondheid zouden praten. Ja, dat is een bescheiden maar scherp standpunt. Tieners en jongvolwassenen vergelijken zichzelf niet met hun vrienden, maar met beelden op het scherm. Het is mogelijk dat theater de enige kunstvorm is die weer een echt imperfect mens laat zien.
Het is nog niet duidelijk of deze beweging groot genoeg zal worden om de gang van zaken te veranderen. Op dit moment vinden de meeste voorstellingen plaats op beroepsopleidingen, wat belangrijk is omdat die groep mensen vaak over het hoofd wordt gezien als er cultuur wordt aangeboden. Maar een theatervoorstelling die in november door twee studenten zonder veel geld wordt opgevoerd op een nog niet bekendgemaakte locatie, zal de wereld niet in één avond veranderen. Dat gezegd hebbende, kan het ervoor zorgen dat één jongere in die zaal het gevoel krijgt dat zijn of haar verhaal verteld kan worden. Dat is niet groots. Maar het is wel genoeg om mee te beginnen.
